We hebben de Expositie 'Gegijzeld maar niet verslagen' RIVM-proof gemaakt. Wij openen de expositie vanaf 20 juli 2020.

Om toegang tot de expositie te kunnen garanderen, werken we met een reserveringssysteem.

U kunt daarbij uitgaan van de gepubliceerde openingstijden. Groepsrondleiding op aanvraag. Bij groepen van minimaal 6 personen kunnen we ook aangepaste openingstijden hanteren.

Om een tijdstip te reserveren klik op de door u gewenste datum en tijdstip in de agenda. Reserveer uw bezoek

Gegijzeld maar niet verslagen

Tijdens de tweede wereldoorlog zaten kopstukken van ons land als onschuldige gevangen in Beekvliet, Haaren en Ruwenberg. Zo’n 460 wetenschappers, schrijvers, musici, politici, ondernemers, edelen, vakbondsbestuurders en geestelijken werden op 4 mei 1942 van hun bed gelicht. Geinterneerd in Kleinseminarie Beekvliet, Grootseminarie Haaren en later in Internaat Ruwenberg.

De expositie maakt onderdeel uit van de viering van 75 jaar bevrijding van ons land. De essentie daarvan is dat voor echte vrijheid democratie een voorwaarde is, een democratie met hart en oog voor iedereen… Een democratische rechtstaat die het verdedigen waard is, en waar we gezamenlijk verantwoordelijk voor zijn en inspanningen voor moeten blijven doen. Met deze expositie willen de initiatiefnemers het besef van de waarde van vrijheid en de inhoud ervan borgen, voor nu en voor de toekomst.

In en om de Beekvliet-boerderij, voorheen deel uitmakend van het grote complex van Gijzelaarskamp Beekvliet nemen wij u mee in het verhaal en laten we u ervaren hoe het dagelijks leven van een gegijzelde er daar destijds aan toeging, inclusief de voortdurende dreiging en angst.

Expositie

Gijzeling

Wat doet gijzeling en leven in onvrijheid met een mens?

Van 1942 tot 1944 verbleven, gedwongen door de Duitsers, honderden Nederlandse mannen in het kleinseminarie Beekvliet te Sint-Michielsgestel. Een groot aantal gijzelaars kwam vanuit Kamp Haaren. Een deel van de groep verbleef later ook op De Ruwenberg. Acht gijzelaars werden daadwerkelijk geëxecuteerd.

In de expositie ervaren de bezoekers het dagelijks leven van een gegijzelde, inclusief de voortdurende dreiging en angst.

Fusillade

De fusillade in Gorp en Roovert.

Fusillade, een onheilspellend woord, en schrikbeeld, dat, zo hoopten de gijzelaars, nooit realiteit zou worden. Maar helaas, het liep anders. Het bleek geen loos dreigement te zijn. Op 15 augustus 1942 werden in Goirle vijf en op 16 oktober van datzelfde jaar bij Woudenberg drie gijzelaars, waarvan vier uit Haaren en vier van Beekvliet, weggevoerd en geëxecuteerd. We staan stil bij de gruwelijke gebeurtenis in het bosgebied van “Gorp en Roovert” bij Goirle.

Dagelijks leven

Welke activiteiten ontplooiden zij, deels om ‘actief’ te blijven en deels om verveling (en bange gedachten) tegen te gaan.

Een groot deel van het dagelijks leven van de gijzelaars speelde zich af in de Aula, “een onmisbare ruimte in het gijzelaarsbestaan”. Hier kwamen ze om met elkaar te praten, te schaken, te lezen, brieven te schrijven of te studeren. Maar ook voor concerten, filmvoorstellingen, gezamenlijke activiteiten en op speciale dagen in het jaar, zoals Sinterklaas, Kerstmis en Oud- en Nieuwjaar. Achter het prikkeldraad waren ook de sportterreinen, wandelpaden, bossen en vijvers erg populair.

Eten

Voor hun gemeenschappelijke maaltijden gingen de gijzelaars naar de eetzaal. Na een beginperiode met dunne sneetjes zuur brood en de beruchte “flotsmaaltijden” werd het eten wat minder slecht. Veel gijzelaars konden met de hen toegestuurde levensmiddelen ook zelf maaltijden bereiden, op petroleumstelletjes of op kookplaatjes, in hun kamer of in de gang vóór de chambrettes. Voor een kop koffie of thee of een alcoholvrij drankje konden ze gebruik maken van de kantine. Op toerbeurt hadden een aantal gijzelaars “bardienst”, keurig in kelnerstenue.

Slapen

Als gijzelaar kon je, samen met een of meer lotgenoten, terechtkomen op een kamer. Je had daar weliswaar minder privacy, maar beschikte wel over wat meer ruimte. Het kon ook een chambrette worden, klein, soms met een enkel bed, maar vaak ook met een stapelbed of met veel chambrettes op één grote slaapzaal. Deze ruimtes werden niet alleen gebruikt voor de nachtrust, maar ook om er overdag te zijn, voor discussiëren, schaken, koken. Kortom, in het gijzelaarsleven vervulden zij een belangrijke functie, naast de aula en de cursuslokalen.

De Geest van Gestel

Ontzuiling en impact op na-oorlogse politiek.

Op Beekvliet zaten veel politiek geëngageerde Nederlanders, die wisten, dat ze na de oorlog het verschil konden maken. Waaronder prof. ir. W. Schermerhorn, de latere Minister-President. Een nieuw land, zonder hokjes en scheidslijnen, kortom, een Nieuw Ontzuild Nederland. In deze kamer wordt het verhaal van de geest van Gestel verteld, maar ook de deceptie toen na de oorlog de tijd nog niet rijp bleek te zijn.

Het Gezicht van Gestel

Nieuwe schilderijen van Karel van Veen.

Tijdens zijn verblijf op Beekvliet schilderde gijzelaar Karel van Veen vele portretten van zijn mede-gijzelaars. Deze waren in 2019 te zien in het Noordbrabants Museum te ’s-Hertogenbosch. Tijdens deze expositie, verzorgd door kunsthistorica Yve de Vries, zijn nieuwe portretten aangemeld. Yve de Vries schreef ook het boek “Het Gezicht van Gestel”, waarin de gijzelaarsgeschiedenis op Beekvliet wordt verteld. Daarvan verschijnt een nieuwe uitgebreide herdruk.